Wol, kasjmier of polyester: welke stof om in te golfen

Marineblauwe polo op de baan, naast de golftas

Draai op een ochtend in maart de kraag om van de twee stukken die je meeneemt. Op het ene staat polyester. Op het andere wol, of kasjmier. Ze komen allebei op dezelfde dag van pas, en niemand heeft je ooit verteld welke wanneer.

De stof kies je naar de plek die hij in de outfit inneemt: een polo die het zweet regelt, een breisel voor de warmte. Synthetisch, wol en kasjmier kunnen dezelfde ronde meegaan, met andere voorzorgen.

Wij hebben beide kampen in dezelfde kast

Bij ons hangen polyester en kasjmier aan dezelfde hangers. Wie alleen synthetisch maakt, legt je uit dat wol iets van je grootvader is. Wie alleen breigoed maakt, legt je uit dat synthetisch plastic is. Ieder beschrijft zijn eigen voorraad.

Een vezel heeft sterke kanten en grenzen. Wij kiezen elke laag liever op de rol die hij speelt.

Synthetisch: wat het goed doet, en wat niet

Wat het goed doet, in een stof die voor sport gemaakt is: het droogt snel en helpt zweet af te voeren. Over vier uur lopen met een tas op je schouder is dat een echt comfortcriterium, samen met de pasvorm.

Voeg een deel elastaan toe en je krijgt het tweede wat we ervan vragen: de veerkracht die het kledingstuk na de backswing weer op zijn plaats zet in plaats van het uitgezakt bij de elleboog te laten.

Voor een polo, de polo die je van hole 1 tot 18 aanhoudt, gaat onze voorkeur uit naar technisch synthetisch. De samenstelling alleen zegt overigens niet alles over comfort.

Nu wat het minder goed doet. De geur. Een technische polo die je twee zaterdagen achter elkaar draagt zonder wasbeurt, herinnert je daaraan voordat je er zelfs maar bij in de buurt komt. Snel drogen vervangt wassen niet: droog aanvoelen is niet schoon zijn.

Laat vooral geen vochtige polo onder in je tas liggen. Laat hem drogen als je hem niet meteen wast, en volg daarna het label. Voor onze technische stukken: lage temperatuur en geen wasverzachter.

Katoen neemt vocht op en droogt langzamer. Onze Stella-polo is van katoen: die verkiezen wij voor het diner of voor een zachte dag.

Groen vest open gedragen over een witte polo

De kasjmieren trui op de golfbaan: wat je echt koopt

Een trui van zuiver kasjmier kun je dragen om in te spelen bij fris, droog weer. Ons vest April Tradition brengt die warmte als tussenlaag. Maar het breisel vraagt om zorg: houd het klittenband van je handschoen weg, en voorkom dat een tasband urenlang over je schouder schuurt.

Je koopt hem ook voor de rest van de dag, voor het terras terwijl de kaarten worden geteld. Hij kan pluizen op de plekken die schuren. Dat is te onderhouden, maar het is goed om te weten als je je tas de hele ronde draagt.

Merinowol opent een andere mogelijkheid: een dunne laag die op de huid gedragen wordt. Woolmark beschrijft dat sportieve gebruik. Ze kan dus een synthetische basislaag vervangen, niet alleen bedekken. Wij bieden die niet aan: onze kwartrits gaat juist over de polo heen.

Geurbestendigheid hoort ook bij de eigenschappen die Woolmark beschrijft. Dat ontslaat het kledingstuk niet van onderhoud. Lucht het na de ronde en was het volgens het label, zonder er automatisch het programma van de technische polo op los te laten.

Over warmte beslist het label niet in zijn eentje. Wol of synthetisch over de polo? Kijk ook naar de dikte, naar de ruimte in de schouders en naar de vraag of je het stuk kunt opbergen als de temperatuur oploopt.

Wol of polyester: welke vezel op welk moment van de dag

Een golfdag verandert van temperatuur. Denk aan de momenten waarop je loopt, waarop je wacht en waarop je gaat zitten.

De koude ochtend. Twee lagen, twee rollen. De laag op je huid moet afvoeren: je technische polo. De laag daarboven houdt de warmte vast, en een natuurlijk breisel doet dat uitstekend. De kwartrits heeft één beslissend voordeel: je regelt hem zonder hem uit te trekken.

Het midden van de dag. Loopt de temperatuur op, dan kan de technische polo volstaan. Berg de bovenlaag op voordat hij te warm wordt, en haal hem in de schaduw weer tevoorschijn als het nodig is.

Na hole 18. De wol komt terug. Schouders koelen in één keer af, en de trui die in de auto is blijven liggen bepaalt of je op het terras blijft.

De winter, of de bergen. Maak onderscheid tussen een basislaag die voor inspanning gemaakt is en een trui. Synthetisch of fijn merino kan op de huid; de trui brengt de warmte daarboven. Pas het geheel in beweging: lagen toevoegen heeft geen zin als ze je schouders insnoeren of moeilijk uit te trekken zijn.

Wat je moet onthouden

  • Om te spelen: een polo die bij de inspanning past, een breisel dat bij de kou past.
  • Katoen droogt langzamer. Beter als je weinig zweet.
  • Kasjmier past bij frisse starttijden en bij de uren na de ronde, zolang het schuren beperkt blijft.
  • Op de huid een laag die voor inspanning gemaakt is: synthetisch of fijn merino.

Alle artikelen